Arbeidsdeskundig rapport: checklist uit recente rechtspraak

Een arbeidsdeskundig rapport kan sectie voor sectie compleet ogen en toch omvallen bij de RIV-toets. Deze checklist is voor HR, casemanagers en arbeidsdeskundigen: drie kwaliteitspoorten die in 2026 in de rechtspraak terugkomen. Geen anatomie van het rapport. Die sectie-voor-sectie-opbouw staat in wat zit er in een arbeidsdeskundig rapport.

Twee openbare ankers: ECLI:NL:CRVB:2026:834 (Centrale Raad van Beroep, 18 juni 2026) en ECLI:NL:RBGEL:2026:6466 (Rechtbank Gelderland, 19 augustus 2026). Ze zijn feitengebonden. Dit is geen juridisch advies en geen samenvatting van het hele vonnis.

Wat dit artikel wel en niet is

Dit is een faalpuntenlijst. Geen template, geen download, geen ingevuld voorbeeld. UWV leest later in het re-integratieverslag of de weging deugdelijk is. De drie poorten hieronder zijn de plekken waar een rapport in deze twee uitspraken het eerst wringt.

arbeidsdeskundig.com is het loket om een onderzoek te begrijpen en aan te vragen. matchvermogen.nl is het bredere adviesmerk van hetzelfde bureau. Dit stuk blijft bij kwaliteit van het rapport.

De drie kwaliteitspoorten

Lees het rapport als HR of casemanager alsof UWV het morgen opent. Drie vragen, in deze volgorde:

  1. Aansluiting op de bedrijfsarts. Volgt de conclusie uit het actuele oordeel en de belastbaarheid (FML of IZP)?
  2. Documentatie bij afwijking. Als de arbeidsdeskundige iets anders concludeert dan dat kader, staat dat ergens, en is het arbeidskundig onderbouwd?
  3. Onderbouwing start spoor 2. Waarom intern geen structureel perspectief, waarom nu, en past het zoekprofiel bij de belastbaarheid van toen?

De RIV-toets weegt tijdigheid, kwaliteit en logica. Zie wat de RIV-toets toetst. Een wetsvoorstel zou de bedrijfsarts leidend maken; dat is nog geen geldend recht. Stand van zaken: RIV-toets, bedrijfsarts leidend.

Poort 1. Aansluiting op het oordeel van de bedrijfsarts

De arbeidsdeskundige stelt geen FML of IZP op. Het rapport gebruikt dat kader. Ontbreekt het, of dekt het de situatie van nu niet, dan start je niet. Dat startmoment staat in belastbaarheid verouderd.

In ECLI:NL:CRVB:2026:834 had de bedrijfsarts op 20 juli 2022 een inzetbaarheidsprofiel opgesteld: verminderde belastbaarheid, wél enige duurzaam benutbare mogelijkheden (geen zware fysieke inspanning, structurele stress vermijden). De door de werkgever ingeschakelde arbeidsdeskundige verwees op 2 augustus 2022 naar dat profiel en concludeerde daarna dat een traject richting een reguliere werkgever te stressvol zou zijn en tot overbelasting kon leiden. De CRvB oordeelde dat die conclusie niet strookt met de belastbaarheid van de bedrijfsarts, en dat zij bovendien niet is onderbouwd. Vanaf 20 juli 2022 had volgens de Raad met spoor 2 kunnen worden gestart.

In ECLI:NL:RBGEL:2026:6466 stelde de verzekeringsarts later dat de bedrijfsarts ten onrechte was uitgegaan van geen benutbare mogelijkheden. De rechtbank oordeelde dat het volgen van onjuiste adviezen van de bedrijfsarts of de re-integratiebegeleider geen deugdelijke grond is. De werkgever blijft verantwoordelijk voor de kwaliteit van de ingeschakelde deskundigen. De rechtbank loopt niet vooruit op het wetsvoorstel waarin de bedrijfsarts een andere waarde zou krijgen.

HR-check voordat het rapport het dossier in gaat:

  • Welk document is het kader (FML, IZP, actueel oordeel), en van welke datum?
  • Welke mogelijkheden of grenzen staan erin, in functionele taal?
  • Zegt de conclusie van de arbeidsdeskundige hetzelfde, of iets anders?
  • Als het kader ontbreekt of verouderd is: eerst de bedrijfsarts, niet “toch starten”.

Poort 2. Documenteer wanneer de arbeidsdeskundige afwijkt

Afwijken is hier: een arbeidskundige conclusie die niet volgt uit wat de bedrijfsarts aan mogelijkheden vaststelde. De arbeidsdeskundige mag de medische lijst niet herschrijven. Wijkt het oordeel over werk toch af, dan moet dat in het rapport staan: wat de arts vaststelde, wat de arbeidsdeskundige anders weegt, en waarom dat arbeidskundig is (functie, uren, reële interne plek), niet medisch.

De CRvB nam het de arbeidsdeskundige kwalijk dat de conclusie “geen traject richting een reguliere werkgever” niet strookte met het IZP én niet was onderbouwd. Ook een later “actueel oordeel” van 29 augustus 2022, waarin was aangekruist dat werkneemster niet kan werken, hielp de werkgever niet: die aankruising was niet onderbouwd, terwijl het IZP van 20 juli wél beperkingen én mogelijkheden beschreef. De verzekeringsarts bevestigde later dat er enige duurzaam benutbare mogelijkheden waren.

Wat je in het dossier wilt kunnen aanwijzen:

  • citaat of parafrase van het kader van de bedrijfsarts (geen diagnose);
  • de zin waarin de arbeidsdeskundige tot een andere werkconclusie komt;
  • de arbeidskundige reden (functie-eisen, interne plek die niet bestaat, uren die niet matchen);
  • of de bedrijfsarts is teruggevraagd als het kader en de werkvloer uit elkaar lopen.

Ontbreekt die documentatie, dan is het rapport een mening. Dat is later een zwakte in de RIV-toets, geen stijlfout. Bij blijvend verschil van inzicht: wat als bedrijfsarts en arbeidsdeskundige het oneens zijn.

Poort 3. Onderbouw de start van spoor 2

Spoor 2 is geen vinkje. Het rapport moet kunnen uitleggen waarom terugkeer intern geen structureel perspectief heeft, en waarom starten nu logisch is. Spoor 1 hoeft niet eerst “afgerond” te zijn. Dat onderscheid: spoor 2 starten zonder spoor 1 afgerond.

De CRvB koppelde de start aan benutbare mogelijkheden in het IZP: als die er zijn, is “te stressvol, dus geen spoor 2” te dun. Rechtbank Gelderland toetste daarnaast de uitvoering. De ingeschakelde arbeidsdeskundige adviseerde op 31 maart 2023 om spoor 2 te starten. Aanmelding volgde op 16 mei, het intakegesprek op 20 juni. Dat is ruim elf weken na het advies. Dat het traject “in eerste instantie een procesmatig karakter” zou hebben, maakte dat volgens de rechtbank niet anders.

De Werkwijzer Poortwachter (versie 1 augustus 2022), zoals de rechtbank die aanhaalt: start een adequaat tweede spoor zodra er geen zicht meer is op structurele hervatting intern, en uiterlijk binnen zes weken na de eerstejaarsevaluatie (week 52). Adequaat betekent onder meer dat het zoekprofiel past bij de belastbaarheid van dat moment en bij de te verwachten medische verandering. In de Gelderse zaak was een zoekprofiel opgesteld zonder afweging of die functies bij de toenmalige belastbaarheid pasten.

HR-check bij deze poort:

  • Staat in het rapport waarom intern geen structureel perspectief is, met reële plekken of het eerlijke “die zijn er niet”?
  • Ligt er een datum waarop spoor 2 is geadviseerd, en een datum waarop het is gestart?
  • Is het zoekprofiel getoetst aan de belastbaarheid van toen, niet aan een hoop op later herstel?
  • Blijft intern kijken als de situatie wijzigt, of is spoor 1 administratief doodverklaard?

Lopen later WIA-aanvraag en spoor 2 tegelijk: wie coördineert wat. Wanneer spoor 2 volgt uit het onderzoek: wanneer volgt spoor 2.

Wat HR checkt voordat het rapport het dossier in gaat

Niet wachten tot week 91. Een korte poortwachter-check op het concept:

  • Vraagstelling dekt eigen werk, intern werk en de vraag of spoor 2 aan de orde is.
  • Bronnen noemen een actueel kader van de bedrijfsarts. Geen diagnose.
  • Conclusie is terug te leiden naar dat kader (poort 1).
  • Elke afwijking heeft een arbeidskundige zin (poort 2).
  • Start of uitstel van spoor 2 heeft een datum, een reden en een zoekprofiel dat past (poort 3).
  • Werknemer heeft inzage en ruimte voor een zienswijze op de feiten gehad.

De werkgever blijft verantwoordelijk voor de kwaliteit van de ingeschakelde deskundigen. Dat is geen bijzin: de CRvB herhaalt het, de rechtbank Gelderland ook. “Wij volgden de arts of de coach” is in deze uitspraken geen deugdelijke grond.

De uitspraken, kort en met bron

Beide vonnissen zijn nagekeken via de officiële bron van de Raad voor de Rechtspraak (open data en deeplink). We vatten alleen samen wat voor deze drie poorten nodig is.

  • ECLI:NL:CRVB:2026:834. Centrale Raad van Beroep, 18 juni 2026, zaak 25/1331 WIA, publicatie 8 juli 2026. Loonsanctie in stand. Conclusie van de private arbeidsdeskundige strookte niet met de belastbaarheid van de bedrijfsarts en was niet onderbouwd.
  • ECLI:NL:RBGEL:2026:6466. Rechtbank Gelderland (Arnhem), 19 augustus 2026, zaak ARN 24/4630, publicatie 21 augustus 2026. Eerste aanleg; hoger beroep bij de CRvB is mogelijk. Loonsanctie in stand. Tweede spoor te laat en niet adequaat; geen deugdelijke grond in het volgen van onjuiste adviezen.

Een andere feitencombinatie kan een andere uitkomst geven. Gebruik de ECLI, niet deze checklist, als je het vonnis zelf nodig hebt.

Offerte of aanmelden

Wil je een rapport dat deze poorten haalt, met een vraag die het dossier dekt? Offerte als je eerst een prijs wilt. Aanmelden als het kader van de bedrijfsarts klaarligt.

Vrijblijvende offerte · Onderzoek aanmelden · Plan 15 minuten kennismaking

Verder: wat zit er in een rapport · RIV-toets · bedrijfsarts leidend · spoor 2 zonder spoor 1 afgerond · WIA parallel aan spoor 2 · belastbaarheid verouderd · gids